U bent hier: Over Prisma -
Nieuws -
MO als vormgevers van waarden
Dinsdag 6 maart 2012
Discussie
Hoe moet het verder met de maatschappelijke organisaties in
ontwikkelingssamenwerking? Wat is eigenlijk hun rol en betekenis
daarin? In de politiek bestaat de uitdrukkelijke wens om in deze
eerste jaren van de MFS 2 subsidie aan maatschappelijke
organisaties (MO's) in ontwikkelings-samenwerking, de relatie
tussen de overheid en die MO's opnieuw te doordenken. Daarbij gaat
het om vragen als hierboven gesteld. Velen hebben intussen aan de
opgestarte online discussie al een inbreng gegeven. In deze
bijdrage wil ik ingaan op een punt uit die lopende discussie. Dat
is de gesignaleerde spanning tussen de eigen rol en de
legitimiteit van de MO's in OS en de professionaliteit en
doelmatigheid van hun werk. Daar bijkomt tevens hun eigen betekenis
aan bod.
Professionalisering
Verscheidene auteurs signaleren dat de MO's door de
overheidsfinanciering een sterke groei en een
professionaliseringsproces doorgemaakt hebben. Daardoor zijn ze
bureaucratischer geworden en verder van hun oorspronkelijke
achterbannen komen af te staan. Maar juist aan die verbinding met
de achterban ontleenden ze hun legitimiteit zoals die deels ook
naar voren kwam in de financiële steun die ze uit de bevolking
wisten te verwerven. Een aantal MO's is sterk afhankelijk geworden
van overheidsfinanciering. Om die financiering te ontvangen moest
men aan allerlei eisen van professionaliteit en beheer en
management voldoen. Daardoor is de relatie tot de traditionele
achterban verzwakt, soms ook in financieel opzicht. Tegelijkertijd
voert men nog wel de pretentie dat men een bepaald deel van de
bevolking vertegenwoordigt en daaraan haar legitimiteit ontleent.
Soms wordt gesteld dat de MO's moeten kiezen: ofwel echt civil
society zijn en groepen uit de bevolking mobiliseren achter de
realisering van bepaalde waarden, maar inleveren op professioneel
management, ofwel een professioneel gestuurde programmaorganisatie
worden en afhankelijk zijn van institutionele donaties/subsidies.[1] Maar dan vervalt de legitimiteit van
overheidssubsidies vanuit het MFS-kanaal. Althans volgens sommigen.
In deze (vermeende) spanning tussen professionaliteit en
waardeoriëntatie wordt uitgegaan van een bepaalde
opvatting van professionaliteit (en van management). Deze
discussie raakt mijns inziens daarmee het karakter van MO's en hun
legitimiteit. Vandaar dat ik er wat dieper op wil ingaan en
een paar cultuurhistorische noties naar voren breng. (Lezers die
niet zo van 'theorie' houden, wijs ik er graag op dat niets zo
praktisch is als een goede theorie).
Professionaliteit en cultuurontwikkeling
De opvattingen van professionaliteit en van goed management (New
public management) zijn geïnspireerd door bepaalde kenmerken van de
moderniteit, de cultuurbeweging die vooral in de Verlichting
dominant is geworden in Europa en later in andere delen van de
wereld. In de opvattingen van de moderniteit wordt de mens
gedefinieerd als een rationeel subject. De werkelijkheid bestaat
uit op zich betekenisloze voorwerpen in een 'toevallige'
constellatie. Pas door het gebruik en het nut voor de mens krijgen
die voorwerpen betekenis en geeft de mens betekenis aan zijn eigen
leven. De werkelijkheid wordt dan ook niet meer ervaren als een op
zichzelf waarde-volle schepping, kosmos of natuur maar, op het
eerste gezicht althans, als een toevallig ontstaan geheel dat
uitgangsmateriaal vormt voor de constructie van een wereld naar
eigen inzicht en voor de eigen behoeftebevrediging. Moderne
wetenschap en techniek zijn hierbij de uitgelezen instrumenten.
Deze benadering heeft geleid tot een explosie van een bepaald soort
kennis die heeft geresulteerd in allerlei mogelijkheden om in die
werkelijkheid in te grijpen ten behoeve van de mens. En er is veel
goeds mee gerealiseerd. Maar het succes van wetenschap en techniek
heeft geleid tot een overschatting ervan. De
wetenschappelijk-technische benadering van de werkelijkheid is
vooral in de Verlichting in de Europese cultuur het beslissende
perspectief geworden op wereld en samenleving. De instrumentele
rationaliteit die het technische handelen kenmerkt, en daarbinnen
een legitieme plaats heeft, heeft ook het denken in andere
samenlevingssectoren meer en meer beïnvloed. Andere menselijke
functies als emotionaliteit, esthetiek, ethiek, geloof en
zinervaring, werden uit de publieke sfeer naar de privésfeer
gedrongen.
Deze wereld- en levensbeschouwing, want dat is het in feite zelf
ook, heeft een instrumentele visie op wetenschap, techniek en
organisaties en daarmee ook op professies. Professionals zijn
mensen die beschikken over speciale kennis, vaardigheden en
attitudes (kortom over competenties), die hen in staat stellen zo
in te grijpen in de fysieke en sociale wereld dat de gewenste
'vooruitgang' gerealiseerd wordt. In de visie handelen
professionals volgens het doel-middel schema. Managers organiseren
mensen en middelen op zo'n manier dat de gestelde doelen zo
doelmatig mogelijk gerealiseerd worden en ze 'sturen' andere
professionals zo aan dat die ook doelmatig de doelen realiseren die
de samenleving, of althans de bestuurders, willen. Verhelpen van
gezondheidsklachten en tevreden patiënten in de gezondheidszorg,
aantallen studenten met een diploma in het onderwijs, financieel
rendement op de beurs, de gunst van de kiezers in de politiek, etc.
Waarden als eerlijkheid, rechtvaardigheid, empathie, zorgzaamheid,
duurzaamheid, moed, creativiteit, zinervaring etc. zijn in dat
verband hooguit nog randvoorwaarden voor een doelmatige productie,
en verder subjectief en prive. De invulling en realisering van
dergelijke waarden zijn nauw verbonden met de levensovertuiging van
de betrokken mensen. De eis dat de professional dergelijke waarden
buiten zijn professionele handelen moet houden, leidt dan ook tot
de splitsing tussen professionaliteit en levensbeschouwing/
waardeovertuiging die de achtergrond vormt van de nu ervaren
spanning tussen professionaliteit en waardeoriëntatie.
[1] Zie discussie tussen Willem Elberts en
Rene Grotenhuis op Vice Versa online over vermeende spanning
tussen huidige management denken en waarde oriëntatie van MO en de
discussie n.a.v. die bijdragen.
Lees
hier het artikel